Goede Week                                                                                                

In de Goede Week staan we stil bij het lijden en sterven van de Heer. He is de tijd bij uitstek om stil te staan bij het kruis van Jezus. Onderstaande tekst van David Sörensen mag ons hierbij op weg helpen.

“Niets kan ermee vergeleken worden - het kruis van Jezus is het grootste wonder van hemel en aarde. Groter dan het wonder van de schepping zelf. Groter dan welk wonder God ooit heeft gedaan. Het kruis is Gods majesteit in volheid tentoongespreid. De majesteit van liefde. De grootheid van echte, zuivere liefde die zichzelf opoffert. Het is zo groot dat de duisternis het nooit verwacht had. Het is het grootste wonder, maar ook het grootste geheim. Het kruis staat symbool voor redding. God werd Zelf mens en liet Zich door de mensen vermoorden om Zelf hun straf te dragen. Wat een verhaal! Wat een kracht! Wat een wonder! Wat een werkelijkheid! Dat verhaal, dat wonder, die krachtige realiteit geldt vandaag voor jou en mij net zoals het vroeger gold. Wat voor nood je ook hebt. Welke pijn er ook in je leven is. Met wat voor zonde je ook worstelt. Of je nu last hebt van bitterheid, jaloezie, oneerlijkheid of haat. Of je nu vecht tegen pornografie, misbruik of verslaving. Of je nu lijdt onder angsten, depressie, ziekte of verdriet. Er is niets, absoluut niets wat niet door de kracht van het kruis weggenomen kan worden. Kijk naar het kruis. Stort jezelf uit voor het kruis. Grijp je eraan vast. Doe een beroep op Zijn bloed. En leg alles af. Je pijn. Je haat. Je bitterheid. Je genadeloze verwijten en wrok. Je verdriet en je teleurstelling. Je frustraties en je onvermogen. Leg het af. Je angsten. Je depressies. Je onzekerheid. Leg het af. En kniel voor het kruis. Elke dag.” 

                                      
Pastoor C. Müller

 

 

 

 

Jaar van het Gezin                                                                                       

Eind december 2020 maakte onze paus bekend dat er een speciaal jaar komt voor het gezin, naar aanleiding van de 5e verjaardag van de ondertekening van de ‘gezins-exhortatie’ Amoris Laetitia (De vreugde van de liefde). Het ‘gezinsjaar’ is het tweede themajaar in korte tijd, naast het eerste themajaar dat onze paus op 8 december 2020 afkondigde, dat speciaal aan Sint-Jozef is toegewijd en dat op 8 december 2021 afloopt.

Het Jaar van het Gezin start op 19 maart 2021 en wordt afgesloten met de viering van de 10e  Wereldgezinsdag, op 26 juni 2022 in Rome.

Amoris Laetitia volgde op de gezinssynodes die in 2014 en 2015 werden gehouden. Het document verscheen op 8 april 2016, maar werd op 19 maart van dat jaar ondertekend. ‘AL’ is een van de langste documenten uit de pauselijke geschiedenis en bevat reflecties op de schoonheid van het gezin en de uitdagingen voor huwelijken en gezinnen. Het Jaar van het Gezin biedt gelovigen de gelegenheid om hun kennis van Amoris laetitia te verdiepen.

Onze paus nodigt allen uit deel te nemen aan de initiatieven die daartoe zullen worden ondernomen, onder leiding van het Dicasterie voor de Leken, het Gezin en het Leven.

Een samenvatting van dit document (AL), zoals door het Vaticaan vrijgegeven, vindt u onder de link: https://www.rkdocumenten.nl/rkdocs/index.php?mi=680&nws=3529                                                                                                                                                                                                                                                                                               Pastoor C. Müller

Sint­-Jozef                                                                                                     

De maand maart is van oudsher in de katholieke kerk toegewijd aan Sint-Jozef. Dit jaar is er extra aandacht voor de stiefvader van Jezus, omdat paus Franciscus 2021 heeft uitgeroepen tot Internationaal Jaar van Sint­-Jozef en wel omdat het dit jaar 150 jaar geleden is, dat Sint- Jozef werd uitgeroepen tot patroonheilige van de hele kerk.

De paus verbindt dit ook met de coronacrisis, door Sint-Jozef als gids en rolmodel te zien voor alle vaders en iedereen die op de achtergrond belangrijk werk doet dat vaak niet opvalt, maar wel heel wezenlijk is, zoals artsen, verpleegkundigen, winkeliers, schoonmakers of transportwerkers.

In het bisdom Roermond wordt daar op diverse wijzen aandacht besteed aan het Sint-Jozefjaar; door o.m. gebedsprentjes, draagspeldjes, een Jozefhymne en extra vieringen in de Sint-Jozefkerk in Smakt, het enige bedevaartoord van Sint-Jozef in Nederland.

Op de gebedsprentjes, die tijdens de maand maart in grote aantallen worden verspreid, staat het beeld van Sint-Jozef met het Kind Jezus, zoals dat in de bedevaartkapel in Smakt te vinden is. Op de kaart staat ook een nieuw gebed, waarin de voorspraak van de heilige Jozef wordt aangeroepen. Bij het bedevaartoord zijn ook speldjes en vlaggen van het beeld verkrijgbaar. Componist Hans Leenders uit Maastricht heeft een nieuwe hymne voor Sint-Jozef geschreven. Tekst en bladmuziek hiervan zijn van internet te downloaden.

De draagspeldjes (€ 1,50) en vlaggen (€25) zijn te bestellen bij het bedevaartoord in Smakt (Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.) In de kerk van Smakt wordt elke zondagmiddag in maart om 15.00 uur een zgn. Jozeflof gehouden en gedurende de rest van het jaar elke eerste zondag van de maand. Op vrijdag 19 maart -Hoogfeest van Sint-Jozef- draagt bisschop Harrie Smeets van Roermond om 11.00 uur in de bedevaartkerk in Smakt een heilige Mis op. Vanwege de coronamaatregelen is deze H. Mis niet te bezoeken, maar wel online te volgen. De kapel van Sint-Jozef is het hele jaar door overdag open voor bezoek, een kaars of stil gebed.

                                                                                                                        Pastoor C.

Jezus - allesbehalve een ‘watje’ …                                                 

“Zoveel mensen, zoveel zinnen”, zo luidt een bekend gezegde. Ieder heeft zo zijn eigen kijk op zaken. Wanneer het gaat om God, is dat ook zo. Zo bestaan er vele Godsbeelden, al dan niet gekleurd door eigen ervaringen, de ontvangen vorming en persoonlijke lotgevallen. De vraag is dan ook: hoe ‘Evangelisch’, hoe Bijbels is ons beeld van God? Velen maken van Jezus immers een soort karikatuur, die meer zegt over de persoon in kwestie dan over Jezus zelf.

In het Evangelie van de 3e zondag van de Veertigdagentijd lezen we hoe Jezus mensen uit de Tempel dreef. Dat tafereel past niet bij het beeld dat velen van Jezus hebben, als een pacifist tegen wil en dank, die enkel begrip heeft voor de mens. Welnu, Jezus is allesbehalve een ‘watje’. In dezelfde perikoop lezen we ook dat Jezus allen kende. “Hij wist (weet) wat er in de mens stak en daarom was het niet nodig dat iemand Hem over de mens inlichtte”.

Het mag voor ons een steun zijn dat Hij weet wie we zijn en dat Hij ons onvoorwaardelijk bemint. Maar dat doet niets af aan Zijn Boodschap, die veel vraagt en vaak niet mals is. Het komt steeds neer op de vraag: Welke keuzes maak jij? En mag de Heer zijn die Hij is, of verdragen we enkel een zachtaardige Jezus, omdat we niet uit de voeten kunnen met Zijn eisen? Hoe dan ook, het Evangelie daagt ons uit … . Omdat Gods Woord ertoe doet.

    

Pastoor C. Müller

 

 

Vastenbrief van onze bisschop                                                                   

Afgelopen weekend werd tijdens de HH. Missen de Vastenbrief van onze bisschop voorgelezen. Voor de volledige tekst verwijs ik de lezer hier naar onderstaande link.

Volgens onze bisschop kan de huidige “Quarantaine” ons dichter bij God brengen. Ze  brengt het menszijn terug naar de essentie: ze confronteert ons met onszelf en onze driften, maar ook met onze vrijheid om Gods genade te ontvangen. Onze bisschop verbindt de Bijbelverhalen van Noach in de ark en Jezus die veertig dagen in woestijn verbleef met de coronapandemie, die ervoor zorgt dat mensen in onze tijd zich noodgedwongen van anderen moeten afzonderen. Volgens hem worden mensen in zo’n periode geconfronteerd met twee soorten krachten: natuurlijke oerdriften en krachten die we van Gods genade krijgen.

In dit verband wijst Mgr. Smeets op de rellen van enkele weken geleden, waarbij redeloos gedrag zich van mensen meester leek te maken. Daar staan volgens hem ook heel veel goede daden van anderen tegenover. ‘Het goede dat we doen, komt minder in de publiciteit dan het kwade. Maar dat wil niet zeggen dat het er niet is. Ook en juist in dit laatste jaar zien we belangeloze daden van medemenselijkheid en nabijheid en ervaren veel mensen midden in de pandemie dat bidden kracht geeft. Het zijn tekenen dat wij ook in onze woestijndagen dichter bij God kunnen komen’, aldus onze bisschop. De volledige vastenboodschap van de bisschop is te lezen op: www.bisdom-roermond.nl/Vastenbrief-bisschop-smeets-2021 

 

                                                                                                                                     Pastoor C. Müller    

Vastentijd                                                                                                     

Komende zondag vieren we weer de eerste zondag van de Vastentijd, als voorbereiding op het belangrijkste feest in onze kerk: Pasen. Met dat feest staan we stil bij de verrijzenis des Heren. Het Evangelie van de eerste zondag van de Vastentijd vertelt ons hoe Jezus door de Geest gedreven, Zich veertig dagen ophield in de woestijn, alwaar Hij door de duivel op de proef werd gesteld. In de joodse en christelijke  traditie heeft het getal veertig een speciale betekenis.

In de Bijbel komt het getal 40 veelvuldig voor; veertig heeft betrekking op voorbereiding en verwachting. Maar ook op vasten en boetedoening of zuivering (‘quarantaine’). De zondvloed duurde veertig dagen en nachten (Genesis 7:12) en Noach wachtte 40 dagen voordat hij de ark opende (Genesis 8:6). Mozes verbleef veertig dagen en nachten op de Sinaï om er de Tien geboden te ontvangen. De Israëlieten trokken veertig jaar onder leiding van Mozes door de Sinaïwoestijn. Goliath daagde de Israëlieten veertig dagen lang uit voordat David hem ging bevechten (1 Samuël 17:16). Elia ging door de kracht van de spijs die de engel hem gaf 40 dagen en nachten tot aan de berg Gods, Horeb (1 Koningen 19). Jona preekte in Ninive dat de stad over veertig dagen verwoest zou worden (Jona 3:4). Na zijn doop vastte Jezus veertig dagen in de woestijn en werd toen door de duivel beproefd. Na zijn opstanding verscheen Jezus veertig dagen aan zijn discipelen alvorens naar de hemel op te varen (Handelingen 1:3). De periode van het paasfeest  tot Hemelvaartsdag duurt daarom veertig dagen.

In de prefaties welke horen bij liturgie van de H. Mis tijdens de Vastentijd staan diverse  passages, welke het karakter van de Vastentijd goed typeren:

Gij gunt uw gelovigen de vreugde jaarlijks met een zuiver hart naar het paasfeest toe te gaan: dit is een tijd van meer toeleg op het bidden, van grotere aandacht voor de liefde tot de naaste, een tijd van grotere trouw aan de sacramenten waarin wij zijn herboren (Doopsel, Eucharistie en Biecht). Zo groeien wij tot de volheid der genade die Gij uw kinderen hebt toegezegd. (prefatie I)

Gij schenkt ons een heilzame tijd om ons hart weer zuiver te maken: vrij van zelfzucht en zonde zullen wij het vergankelijke zó gebruiken, dat ons hart gericht blijft op het eeuwige. (prefatie II)

Gij hebt gewild dat wij U dank betuigen door onszelf te versterven. Zo behoedt Gij ons, zondaars, voor overmoed en eigenwaan en doordat wij het voedsel broederlijk delen met hen die honger hebben, maakt Gij ons tot navolgers van uw mildheid. (prefatie III)

Als wij vasten weerhoudt Gij ons van het kwaad en richt Gij onze geest op U, maakt Gij ons tot deugdzame mensen en schenkt Gij ons de overwinning door Christus onze Heer. (prefatie IV)

Pastoor C. Müller

Melaatsheid                                                                                                  

In het Evangelie van zondag 14 februari (6e zondag door het jaar) geneest Jezus een melaatse. In die dagen was een melaatse niet enkel een zieke, maar ook een soort paria, een uitgestotene. De melaatse leefde afgezonderd, dikwijls in een soort kolonie met lotgenoten vanwege het besmettingsgevaar. Mogelijk ook omdat hun gezicht, handen en voeten dikwijls misvormd waren. Mochten zij buiten het dorp iemand onverhoopt tegenkomen, dat moesten ze roepen “onrein, onrein”. Lepra werd vaak in verband gebracht met een zondig verleden, als een soort van straf.

Wanneer Jezus de melaatse geneest (feitelijk wordt hier gesproken over reinigen), doet Hij 2 dingen. Hij raakt de melaatse aan en zegt tegelijkertijd: “Ik wil, word rein”. Terstond verdween daarop de melaatsheid en was de man gereinigd.

Het verhaal doet denken aan dat andere bijbelverhaal, waar een vrouw al vele jaren aan bloedvloeiing leed (Lucas 8, 40-56). Zij is niet alleen ernstig ziek, maar ook voor de gemeenschap een uitgestotene. Volgens de Joodse wetten was zij immers onrein en mocht niemand haar aanraken, noch mocht zij anderen aanraken. Ze raakt Jezus evenwel aan. “En meteen was het over, het bloeden, en zij werd gewaar aan haar lichaam dat zij van haar kwaal was genezen.” Jezus merkt onmiddellijk op dat er kracht van Hem was uitgegaan. Hij keert Zich en zegt: “Wie raakte daar aan mijn kleren?“

Het verhaal van zowel de melaatse als dat van de vrouw, laten zien hoe groot de liefde van God voor ons mensen is, al zijn we nog zo ziek, geschonden, dan wel zondig. De melaatse ging naar Jezus toe, zo ook de vrouw. De Heer is beiden ter wille. Derhalve - wat let ons om net als deze 2 zieken naar de Heer toe te gaan? Hij vraagt van ons enkel geloof.

 

Pastoor C. Müller