PAASWENS

Dat u erdoor mag komen zoals Hij,

door dit leven en door deze dood,

zoals Jezus Christus; dat u erdoor mag komen,

zoals het vuur dat in de paasnacht

door de duisternis heendringt,

zoals het licht dat door het donker gedragen wordt;

dat u erdoor mag komen zoals de schepping door de chaos,

zoals het leven door wat woest was en leeg;

dat u erdoor mag komen, door uw zee en door uw woestijn,

samen met heel het volk van God, Jezus voorop.

Dat u erdoor mag komen, door alles wat u benauwt

en beangstigt, het oog gericht op ons paasvuur,

het licht dat door de kerk ons vooruit gedragen wordt,

Jezus, het teken dat God ons nabij is.

Dat u erdoor mag komen, door zijn licht dat u herschept,

dat ons onszelf en onze wereld doet zien met een

nieuw vertrouwen, beschenen als wij zijn door

de welwillendheid van God onze Heer.

Dat u erdoor mag komen, door uw woestijn

omdat Hij uw manna is, uw paasbrood, uw dagelijks brood.

Dat u door Hem mag worden gedragen

naar de nieuwe schepping

waar Hij onze zon is en ons leven.

Dat Hij u mag bevrijden van al wat u drukt,

dat Hij u mag opwekken als uw hoop was gestorven,

dat Hij u mag verlevendigen als uw liefde was verkoeld,

dat het voor u Pasen mag zijn, dat is: dat de Heer langskomt.

 

(P. Penning de Vries SJ)