Sint Willibrordus  (658 - 739)                                                           

Op zondag 7 november vieren we het Hoogfeest van de H. Willibrordus, bisschop, verkondiger van ons geloof en patroon van de Nederlandse Kerkprovincie. Hij werd geboren als zoon van pas bekeerde ouders en werd als jong kind door zijn vader Wilgis als oblaat toevertrouwd aan Benedictijnen nabij York in Engeland, voordat zijn vader zelf als kluizenaar ging leven. Toen hij vijftien was legde Willibrordus de gelofte af, kreeg het monnikshabijt en de tonsuur. Bij hem groeide de wens op pelgrimstocht (peregrinatio) te gaan. Op zijn 20e vertrok Willibrordus naar Ierland. In de Abdij van Rathmelsigi onderwierp hij zich onder abt Egbert aan een regime van strenge tucht. Hij zou er dertien jaar blijven. Willibrordus was er getuige van Egberts gestrande missie naar Frisia en de vruchteloze Friese missie van Wigbert. Tien jaar later (30 jaar oud) werd hij in 688 tot priester gewijd. In 689 behaalde de Frankische hofmeier Pepijn van Herstal een grote overwinning op de Friese koning Radboud en kreeg Frisia citerior (gebied ten zuiden van de Rijn) in handen. Willibrordus’ wens om de Frisii te bekeren kon nu in vervulling gaan. Hij begon met zijn kersteningsmissie van de Friezen. Van daaruit bezocht Willibrordus een groot gebied dat zich uitstrekt van de Lauwerszee tot België en Luxemburg toe. Door de steun van Pepijn van Herstal kreeg hij van de Frankische adel een groot aantal landgoederen. Hij zorgde er voor dat veel kerken en kloosters werden gebouwd en gesticht. Willibrordus stierf op 7 november 739 (81 jaar) en werd op eigen verzoek begraven in Echternach. Rond zijn persoon bestaan tal van legenden, waaronder de volgende:

“Vanaf het allereerste moment van Willibrordus' bestaan was het duidelijk, dat God bijzondere plannen met hem had. Zijn moeder, een vrome christelijke vrouw, had in haar slaap een merkwaardig droomgezicht. Zij meende aan de hemel een nieuwe maan te zien rijzen, die geleidelijk al maar voller werd. Op het moment dat het een compleet volle maan was, viel deze uit de hemel zomaar in haar mond. Inwendig werd zij er helemaal door verlicht, en een prachtig schijnsel scheen uit haar buik te komen. De volgende dag ging zij met haar droom onmiddellijk naar de vrome, oude priester van het kerkje bij haar in de buurt. Deze vroeg, of zij vannacht gemeenschap had gehad met haar man. Met enige schroom bevestigde zij dat. Daarop antwoordde de oude wijze priester: 'De maan die u hebt gezien in uw droom, stelt het kind voor dat u vannacht hebt ontvangen. Het zal het licht der waarheid laten stralen in de duisternis van het heidendom. De hele wereld zal profiteren van het licht dat hij zal komen brengen in naam van God onze Heer.' Nadat haar dagen vervuld waren, schonk zij inderdaad het leven aan een zoon, juist zoals de oude priester negen maanden tevoren had voorspeld.

Pastoor C. Müller