Spant u tot het uiterste

in In onze dagen lijkt een taboe te rusten op het werkwoord “moeten”. Mensen zeggen het weleens: “Ik moet niks”, als anderen menen dat juist zij iets zouden “moeten” dan wel “laten”.
Het heeft mede te maken met onze cultuur waarin eenieders individuele vrijheid als het hoogste goed wordt gezien. Tegelijkertijd beseffen we allemaal dat voor een ordelijk verloop van het maatschappelijk verkeer het niet kan zonder regels en wetten.
In het Evangelie wordt vaker in gebiedende wijs gesproken. Daarachter schuilt eveneens een “moeten”, nader bezien een “heilig moeten”. Zo ook in het Evangelie dat gelezen wordt op zondag 25 augustus (21e zondag door het jaar), waar geschreven staat: “Spant u tot het uiterste in, om door de nauwe deur binnen te gaan”.
Men kan zich de vraag stellen: werkt zo’n aansporing niet averechts in onze tijd …? Al was het maar omdat velen niet meer stilstaan bij een leven na dit leven.
Evenwel, hier gaat het om onze eeuwige zaligheid. Daarom kan de Heer niet anders dan te zeggen: “Spant u tot het uiterste in”. Hierbij kan men denken aan de volgende passage van de apostel Paulus: “Wij spreken echter over de wijsheid van God, als een geheimenis; een wijsheid die verborgen was en die God vóór alle eeuwen voorbestemd heeft tot onze heerlijkheid; een wijsheid die niemand van de leiders van deze wereld gekend heeft. Immers, als zij die gekend hadden, zouden zij de Heer der heerlijkheid niet gekruisigd hebben. Maar het is zoals geschreven staat: “Wat geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord en in geen mensenhart is opgekomen, dat is wat God bereid heeft voor hen die Hem liefhebben.” (1 Kor. 2,7-9). Daarom, is God niet alle moeite waard?

Pastoor C. Müller