“Doet maar wat Hij u zeggen zal”

In het Evangelie van de 2e zondag door het jaar (20 jan.) lezen we hoe Jezus tijdens een bruiloft in Kana zijn eerste teken verricht; Hij verandert er water in wijn. Iedereen begrijpt dat het verhaal van de bruiloft te Kana niet zomaar een verslag is van een feestje ergens in Galilea. Het is een verhaal met een bijzondere betekenis. Niet alleen omdat Jezus op het feest verschijnt, maar vooral om wat Hij doet, hoe Hij zich manifesteert.
Aan het einde staat er dat dit het eerste wonderteken is dat Jezus heeft gedaan. In het evangelie van Johannes, dat een zorgvuldig gecomponeerd en theologisch doordacht werk is, staan zeven tekenen vermeld. Het zijn zeven bijzondere tekenen -dat is een beter woord dan wonder- zeven tekenen die iets be-teken-en. Ze maken duidelijk wie Jezus is. Ze zijn verbonden met de titels die Jezus zichzelf geeft, ook zo’n typerend kenmerk van dit vierde Evangelie. Omdat Hij het brood is dat leven geeft, zegent Hij de vijf broden en de twee vissen en breekt ze en deelt ze. Omdat Hij het licht van de wereld is, geneest Hij de blinde en leert hem zien, soms even. Omdat Hij, Jezus, zegt: “Ik ben de opstanding en het leven”, roept Hij zijn vriend Lazarus terug uit het graf.
Wat Jezus deed in Kana betreft een verwijzing naar wat Hij later zal doen. Daarom staat er ook: “Nog is mijn uur niet gekomen.” Hierbij kunnen we denken aan de wonderbare broodvermenig-vuldiging én het laatste Avondmaal.
Hij transformeert dat wat Hem wordt aangereikt (water, vissen en enkele broden). Iets soortgelijks gebeurt tijdens iedere Eucharistieviering. Door de consecratie (hier handelt de priester bij uitstek ‘in persona Christi’) verandert gewoon brood en wijn in het Lichaam en Bloed van Christus. God nu transformeert ook mensen wanneer zij/wij bereid te doen wat God verlangt. Maria zag dat en zei daarom in Kana: “Doet maar wat Hij u zeggen zal.” Jezus zegt later iets soortgelijks tegen de leerlingen: “Doet dit … tot mijn gedachtenis.”
Het is aan ons om het teken te zien en te verstaan; voorts hoe Jezus ook ons nabij wil zijn, zoals Hij eens de mensen nabij was in Kana. Daartoe is het enkel nodig Hem en zijn Moeder uit te nodigen in het diepst van uw hart en te doen wat zij u vragen.

Pastoor C. Müller

Doop van de Heer

Op zondag 13 januari viert de kerk het Feest van de Doop van de Heer. Met dit feest wordt de kersttijd afgesloten. De doop van de Heer markeert het begin van zijn openbaar leven. Met dit feest staan we stil bij het doopsel van de Heer en dat van onszelf. De meeste van ons zijn immers ook gedoopt. Van de zeven sacramenten die de katholieke Kerk kent, is het doopsel een van de belangrijkste. Door het doopsel wordt de erfzonde vergeven en wordt men lid van de Kerk. Volgens de Bijbel heeft Jezus Christus het sacrament zelf ingesteld en aan Zijn leerlingen opgedragen om alle mensen te dopen in Zijn Naam.
Je laten dopen is jezelf verbinden met de dood en opstanding van Jezus Christus. Je oude leven wordt begraven en je staat op met Christus in zijn nieuwe leven. ‘In de doop bent u immers met hem begraven, zoals u ook met hem ten leven bent opgewekt, door uw geloof in de kracht van God die hem uit de dood heeft opgewekt.’ (Kolossenzen 2:12)
Het doopsel veronderstelt de bereidheid je steeds te bekeren. ‘Begin een nieuw leven, en laat u dopen, ieder van u, in de naam van Jezus Christus, om vergeving te krijgen van uw zonden; en u zult de heilige Geest als geschenk ontvangen.’ (Handelingen 2:38)
Jezus Christus liet zich ook dopen, voor Hij aan zijn zending begon. Nochtans was hij als kind reeds opgedragen en gezegend in de tempel! Voordat hij aan zijn taak begon, ging Hij eerst naar de Jordaan, waar Johannes de Doper mensen aan het dopen was. ‘Jezus ging van Galilea naar de Jordaan om zich door Johannes te laten dopen. Maar Johannes probeerde hem te weerhouden: ‘Ik zou door u gedoopt moeten worden, en u komt naar mij?’ ‘Laat me begaan,’ antwoordde Jezus, ‘want we moeten alles doen wat God van ons wil.’ Toen liet Johannes hem begaan.
Zodra Jezus gedoopt was en uit het water kwam, ging de hemel open en Johannes zag de Geest van God als een duif op hem neerdalen. En uit de hemel klonk een stem: ‘Dit is mijn geliefde Zoon, de man naar mijn hart.’ (Mattheus 3:13-17) Na zijn doop werd Jezus Christus vervuld met de heilige Geest. Jezus gehoorzaamde zijn hemelse Vader en gaf hiermee een voorbeeld voor ons allemaal.
Veel mensen denken dat de doop iets is waarover je lang moet nadenken; waar je zogezegd ‘klaar’ voor moet zijn. Maar dat is niet wat de Bijbel zegt: ‘En nu, wat aarzelt gij nog? Sta op, laat u dopen en uw zonden afwassen, onder aanroeping van zijn naam.’ (Handelingen 22:16).

Pastoor C. Müller

Driekoningen

Driekoningen, Epifanie of Openbaring van de Heer is die christelijke feestdag die elk jaar op 6 januari wordt gevierd. In België en Nederland wordt het hoogfeest van de Openbaring van de Heer steeds op de eerste zondag na 1 januari gevierd. Met dit feest herdenkt men die Bijbelse gebeurtenis (Matt. 2:1-18) waarbij de wijzen uit het oosten kwamen, omdat zij een opgaande ster zagen. Daarop gingen zij de koning der Joden zoeken. Ze kwamen in Bethlehem en vonden daar Jezus, de pasgeboren koning der Joden. Waarschijnlijk wordt hier gezinspeeld op het visioen van Bileam, de ziener in Moab die een ster uit Jacob zag opkomen (Numeri 24:17). De drie wijzen kregen namen. In het Grieks waren dat Apellius, Amerius en Damascus, in het Hebreeuws Galgalat, Malgalat en Sarathin, maar ze zijn bekend geworden onder hun gelatiniseerde namen Caspar, Melchior en Balthasar. Ze zouden respectievelijk 20, 40 en 60 jaar oud zijn geweest; getallen die de levenstijdperken van de volwassene symboliseren. In veel Zuid-Europese landen is Driekoningen een vrije dag en wordt Driekoningen op de dag zelf gevierd.
De Openbaring van de Heer is het eerste van drie feesten, samen met de Doop van de Heer en de Opdracht van de Heer in de tempel (2 februari), die thuishoren in de kerstcyclus, de tijd van Jezus' kindertijd en jonge jaren.

Pastoor C. Müller

H. Familie

Op zondag 30 december (onder het octaaf van Kerstmis) vieren we het feest van de H. Familie Jezus, Maria, Jozef. Met dit feest wordt door de kerk onze aandacht gevestigd op de grote waarden van huwelijk en gezin. In onze tijd is dit zeer belangrijk, aangezien instituties als huwelijk en gezin steeds meer onder druk komen te staan. De druk komt niet alleen van buiten (het alomtegenwoordige relativisme), maar deze vindt men ook binnen het huwelijk. Op de website katholiekgezin.nl wordt in dit verband gewezen op de bevindingen van katholiek psychiater Richard Fitzgibbons, die onder meer directeur is het Institute for Marital Healing (Instituut voor Huwelijkse Genezing), alsook adviseur van de Pauselijke Raad voor de Clerus. Hij heeft als psychiater duizenden koppels gesproken en uitgebreid over deze onderwerpen geschreven.
Steeds meer huwelijken en gezinnen staan onder druk door controle-drang en gebrek aan vertrouwen, aldus deze psychiater. In een interview met persbureau Zenit vertelt Fitzgibbons over de hedendaagse oorzaken van vertrouwenskwesties, het verschil tussen sterk zijn en controlerend zijn en de specifieke deugden die als een tegengif werken bij deze problemen. “De kwalijkste karaktertrek van de partner die toegeeft aan de controleneiging –en dat kan ieder van ons overkomen– is het behandelen van de ander zonder respect; terwijl die ander een grote gave van God is. Want zo iemand raakt in zichzelf gekeerd en ziet daardoor niet langer het goede in zijn partner”, aldus Fitzgibbons.
“De andere zwakte is snel toegeven aan buitensporige boosheid. Want mensen met controledrang zijn vaak geïrriteerd en neerslachtig omdat men in feite niet in staat is iemand te controleren – we hebben immers allen onze innerlijke kracht en waardigheid ontvangen als kind van God.” Een dergelijke drang schaadt volgens hem “de gezonde, blijmoedige zelfgave in het huwelijk en versterkt zelfzucht, dat een van de belangrijkste gronden is voor controlerend gedrag”. “Vertrouwen en kracht zijn gezonde karaktertrekken”, aldus Fitzgibbons. “Maar die moeten wel in evenwicht gehouden worden door de deugden van vriendelijkheid, bescheidenheid, mildheid, zelfverloochening en geloof. Ik moedig veel sterke echtgenoten aan te bidden tot Sint Petrus voor bescherming, zodat zij in huis geen controlerende leiders zijn.”
Volgens hem wordt de drang naar controleren of domineren grotendeels veroorzaakt door schade aan iemands vermogen te vertrouwen of zich veilig te voelen tijdens de kinderjaren. “Zij voelen zich pas zeker als ze controle hebben, wat natuurlijk nooit lukt.” Die schade werd in het verleden vaak door alcoholisme, ruziënde ouders of een dominante ouder veroorzaakt. Tegenwoordig zijn daar nog bijgekomen de cultuur van het scheiden, kinderopvang, en de epidemie van zelfzucht onder ouders. “Om die controlezucht te overwinnen is het allereerst van belang dat deze aan het licht komt en dat de desbetreffende persoon wil veranderen. De noodzakelijke verandering kan optreden als partners zich ertoe zetten te groeien in hun vertrouwen in God en in je partner door een proces van vergeving van hen die het vertrouwen in de kindertijd hebben geschaad; door het besluit geen controlerend gedrag van de eigen ouder te herhalen; door geregeld te mediteren; dat de Heer de controle heeft; en door te groeien in tal van deugden waaronder respect, geloof, vriendelijkheid, nederigheid, grootmoedigheid en liefde.”
“De rol van het geloof kan een zeer effectieve rol spelen als het gaat om het aanpakken van deze karaktertekorten”, aldus de psychiater. “We hebben opmerkelijke resultaten gezien door de genade van het sacrament van verzoening. We nodigen koppels die met controledrang kampen uit genezing te zoeken in dit krachtig sacrament.” Veel andere relevante info vindt men onder meer op de website: http://www.maritalhealing.com/index.php

Pastoor C. Müller

Kerstmis

Komende zondag vieren we de 4e zondag van de avond (23 december). De dag daarna vieren we ’s avonds in de kerk het geboortefeest van Gods Zoon op aarde. Zo ook op 25 december. Tijdens het Kerstoctaaf bidden we steeds het Eer aan God. Hem willen we prijzen, telkens weer, omdat de Blijde Boodschap zoveel facetten omvat, indachtig onderstaand lied.

Jezus, Licht van de wereld
dat doorbreekt in de donkerste nacht.
Jezus, zicht voor de toekomst
U heeft ons hoop en redding gebracht.

Heer, schijn Uw licht in mij,
zodat het straalt in mij en al het duister wordt verdreven,
ontsteek Uw vuur in mij en zet die warmte vrij
en toon Uw liefde door mijn leven,

Jezus, schijn Uw licht in mij,
Jezus, schijn Uw licht door mij.

Jezus, bron van het leven
waaraan ons hart verzadigd raakt.
Jezus, Woord van de waarheid
dat ons tot licht der wereld maakt.

Heer, schijn Uw licht in mij, zodat het straalt in mij
en al het duister wordt verdreven,
ontsteek Uw vuur in mij, en zet die warmte vrij,
en toon Uw liefde door mijn leven,

Jezus, schijn Uw licht in mij,
Jezus, schijn Uw licht door mij.

Graag wens ik u allen dit hemelse licht toe, alsook gezegende kerstdagen, mede namens het kerkbestuur van Velden-Arcen-Lomm en alle vrijwilligers in de 3 parochies.

Pastoor C. Müller

3e Zondag van de Advent

Meester, wat moeten wij doen? Mensen bestoken Johannes de Doper met vragen. Zo ook tollenaars. Voor iedere groep is er een gepast antwoord, waarin aandacht wordt gevraagd voor juist de ander. Tot de ene groep zegt Johannes: “Wie dubbel kleding heeft, laat hij delen met wie niets heeft”. Tot de tollenaars zegt hij: “Niet méér vragen dan voor u is vastgesteld”. Tot de soldaten: “Niemand uitplunderen, niemand iets afpersen”.
Ook wij zouden die vraag thans kunnen stellen: Meester, wat moeten wij doen? Wellicht zijn er ook in ons leven mensen die wij tekort hebben gedaan. Dan is het goed dat te herstellen dan wel aan te vullen. Juist in deze Adventstijd, een tijd van inkeer en ommekeer.

Pastoor C. Müller

Bekering

Bij de periode van de Advent hoort onder meer de persoon van Johannes de Doper. Hij is de wegbereider, die de mensen van zijn tijd oproept tot bekering, met het oog op de komst van de Heer. Hij zal later zelfs Jezus dopen. In het Evangelie van zondag 9 december (2e zondag van de Advent) staat over hem geschreven: “Toen kwam het woord van God over Johannes, zoon van Zacharia, die in de woestijn verbleef. Hij begon op te treden in heel de Jordaanstreek en een doopsel van bekering te preken.” Zijn gestalte en zijn woorden maken indruk. De mensen beseffen dat deze man Gods waarachtig is. Johannes nu laat zich sturen. Alvorens Gods Woord uit te dragen, stelt hij zichzelf onder het Woord van God. Hij weet zich een geroepene en handelt er naar. Vervolgens roept hij de mensen op te leven naar Gods Woord.
In feite zijn wij als gedoopten allen geroepenen. Daarom is het zaak in deze Advent te luisteren naar de woorden van het Evangelie. Ze werden niet alleen gericht tot de tijdgenoten van Johannes en Jezus, maar zijn sindsdien bestemd voor alle mensen van alle tijden.
Thans worden ook wij geroepen te luisteren naar God, in deze tijd voorafgaande aan het geboortefeest van onze Heer. Daarom ook wordt er in de kerk van Velden op dinsdagavond 18 december (19.00u) een boeteviering gehouden, met het oog op het belang van ons persoonlijk leven. Na afloop kan men dan het sacrament van boete en verzoening (de biecht) ontvangen, bij uitstek dat teken dat verwijst naar onze wil tot bekering.

Pastoor C. Müller